Doelsturing in de landbouw: ruimte geven aan vakmanschap

Nederlandse boeren staan voor grote uitdagingen: stikstof, klimaat, biodiversiteit, waterkwaliteit. Tegelijk is er een groeiende roep om minder regels en meer vertrouwen in het vakmanschap van boeren. In die discussie valt steeds vaker het woord doelsturing. Maar wat is dat precies? Werkt het ook in de praktijk? En hoe kijken boeren, wetenschappers en beleidsmakers ernaar?

doelsturing landbouw

Wat is doelsturing?

Doelsturing is een manier van werken waarbij niet de regels, maar de resultaten centraal staan. Boeren krijgen duidelijke doelen mee op het gebied van duurzaamheid – bijvoorbeeld minder uitstoot of schoner water – en mogen zelf bepalen hoe ze die bereiken. In plaats van één vast recept, krijgen ze de ruimte om eigen keuzes te maken die passen bij hun bedrijf, bodem en omgeving.

De resultaten worden gemeten met zogeheten Kritische Prestatie Indicatoren (KPI’s). Denk aan cijfers over stikstof en fosfaat in de bodem, uitstoot van broeikasgassen, of het aantal dagen dat koeien weidegang hebben. Boeren die de doelen halen, kunnen een beloning krijgen.

Drenthe: van plannen naar praktijk

In Drenthe is doelsturing inmiddels geen theorie meer. Daar konden melkveehouders zich sinds 2018 vrijwillig aanmelden voor het project Duurzame Melkveehouderij Drenthe. Deelnemers kregen een beloning van maximaal €2.500 per jaar als ze aantoonbaar verbeterden op vijf duurzaamheidsdoelen. De data werd verzameld via de KringloopWijzer, een veelgebruikte tool binnen de sector.

De KPI’s waarop gestuurd wordt zijn:

  • Stikstofbodemoverschot
  • Fosfaatbodemoverschot
  • Ammoniakemissie
  • Klimaat (CO₂ per kg melk)
  • Weidegang

Opvallend is dat bijna de helft van de Drentse melkveehouders inmiddels meedoet aan het vervolgprogramma Duurzaam Boeren Drenthe. En uit evaluaties blijkt: meer dan de helft van de deelnemers laat verbetering zien op minstens één van de doelen.

Volgens betrokkenen is dat niet alleen te danken aan de financiële prikkel, maar ook aan het gevoel van eigenaarschap en ruimte om zelf keuzes te maken.

Waar wordt doelsturing al toegepast?

Hoewel Drenthe vooroploopt, is doelsturing inmiddels op meerdere plekken in Nederland in ontwikkeling of al in gebruik:

  • Drenthe – Sinds 2018 werken honderden melkveehouders met KPI’s binnen Duurzame Melkveehouderij Drenthe en het vervolg Duurzaam Boeren Drenthe.
  • Gelderland – De provincie experimenteert met gebiedsgerichte KPI-aanpakken in onder andere het Rivierengebied en de Achterhoek.
  • Friesland – Er lopen initiatieven binnen het Friese Maatwerkplan Stikstof, waarbij gestuurd wordt op doelen in plaats van maatregelen.
  • Overijssel – Hier wordt gewerkt met doelen op gebiedsniveau in combinatie met ondersteuning voor boeren die willen omschakelen.
  • Landelijk beleid (in ontwikkeling) – In het 8e Actieprogramma Nitraatrichtlijn (APN) wordt doelsturing als mogelijk instrument benoemd.
  • FarmHackNL / KPI-Live – Via deze tool worden KPI’s inzichtelijk gemaakt voor boeren, overheden en ketenpartijen, met pilots in verschillende provincies.

De beweging richting doelgericht werken groeit dus. Het uitgangspunt is steeds hetzelfde: ruimte geven voor maatwerk, maar met meetbare doelen en transparante evaluatie.

De ervaringen: voordelen én beperkingen

Boeren waarderen vooral dat ze kunnen kiezen wat in hun situatie werkt. De ene boer investeert in betere mestaanwending, de ander zet in op meer weidegang of het verminderen van krachtvoer.

Maar er zijn ook aandachtspunten. Zo geven deelnemers aan dat de financiële beloning niet altijd opweegt tegen de kosten van maatregelen, en dat factoren zoals droogte een groot effect kunnen hebben op de resultaten. Niet elk doel is bovendien even makkelijk te beïnvloeden. Het sturen op bijvoorbeeld fosfaatoverschot blijkt in de praktijk lastiger dan gedacht.

Daarnaast is het belangrijk dat de metingen betrouwbaar zijn en de regels duidelijk, om discussies achteraf te voorkomen.

Ook landelijk in beeld

De aanpak in Drenthe blijft niet onopgemerkt. In het landelijke 8e Actieprogramma Nitraatrichtlijn wordt doelsturing als richting benoemd. LTO Nederland noemt de koers positief, maar waarschuwt ook dat er “duidelijke spelregels en voldoende beloning” nodig zijn om het eerlijk en werkbaar te houden).

Ook Wageningen University & Research (WUR) ziet potentie. KPI’s kunnen volgens WUR helpen om duurzaamheidsdoelen te vertalen naar de praktijk van het boerenbedrijf. Maar dat vraagt wel om zorgvuldige selectie van indicatoren, goede dataverzameling en samenwerking tussen boer en overheid.

 


Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *